Onderzoeksraad voor Veiligheid onderzoekt kindermishandeling

21 december 2006

De Onderzoeksraad voor Veiligheid, onder voorzitterschap van prof. mr Pieter van Vollenhoven, is een onderzoek begonnen naar kindermishandeling in Nederland.

In Nederland komen jaarlijks kinderen om het leven door geweld en mishandeling in de directe leefsfeer. Schattingen van het precieze aantal lopen uiteen van 50 tot 80 fatale gevallen per jaar.

De Rijkswet op de Onderzoeksraad voor Veiligheid draagt de Raad op ook op het terrein van de 'gezondheid van mens en dier' onderzoek uit te voeren om structurele veiligheidstekorten op het spoor te komen en aanbevelingen te doen voor verbeteringen. Vanaf de oprichting van de Raad zijn er verschillende oriƫntaties uitgevoerd naar de veiligheid van kinderen in hun directe leefsfeer. Deze oriƫntaties hebben de Raad gesterkt in de opvatting, dat het zinvol is om nader onderzoek te doen naar de werking van het stelsel van bescherming voor kinderen in een bedreigde leefsituatie. Ook een aantal recente gevallen die, ondanks inspanningen van de met jeugdzorg belaste instanties een fatale afloop hadden, roepen vragen op over de effectieve werking van de instanties en procedures die er zijn. Met zijn onderzoek hoopt de Raad aan de beantwoording daarvan bij te dragen.

De centrale vraag die de Raad zich stelt is of er sprake is van structurele veiligheidstekorten in de opvang en begeleiding van het kind, vanaf het moment dat bekend zou kunnen zijn dat de veiligheid in de huiselijke omgeving in het geding is.

De Raad zal daartoe enkele tientallen gevallen van kindermishandeling met fatale afloop uit 2004, 2005 en 2006 analyseren. De Raad zal daarbij nagaan welke mechanismen in het vangnet voor het bedreigde kind werkzaam zijn, vanuit welke gezichtspunten de betrokkenen de situaties beoordelen en hoe ze met elkaar samenwerken.

Naar verwachting zal de Onderzoeksraad over ongeveer een jaar zijn onderzoek kunnen afronden.

Persbericht start onderzoek kindermishandeling.pdf